Insecten helpenJe lijkt wel gekInsecten zijn bij menig modern mens niet erg geliefd. Vlinders en soms ook libellen kunnen nog wel een potje breken, maar de rest is gewoonlijk lastig overbodig of gevaarlijk. En in ieder geval griezelig. Zelfs rupsen, zonder wie vlinders niet zouden bestaan, ontkomen niet aan onze emotionele afkeer. Toch verdienen insecten een veel positievere waardering. Daar zijn niet alleen menselijke argumenten voor aan te voeren als schoonheid, interessante levensloop of direkt nut. Insecten spelen daar hun verscheidenheid en aantal immers ook een zeer belangrijke rol in het biologische evenwicht. Alleen al als voedselbron waar veel vogels zijn ze onmisbaar.
Ook zou menige plant niet meer bestaan, als de vele duizenden soorten insecten als vlinders, bijen, wespen, vliegen, kevers etcetera niet het bestuivende werk deden. Helaas ontneemt de mens, in zijn vermeende eigenbelang, steeds meer levensruimte en levensmogelijkheden aan de natuur. Omdat zo de leefgebieden en aak de variatie daarbinnen steeds kleiner worden, gaat het buitengewoon slecht met die natuur en in het bijzonder met insecten. Een simpel vaarbeeld; zagen we 50 jaar terug 100 vlinders dan zien we er nu een. En dat geldt dan ook nog voor een veel geringer aantal soorten. Het wordt tijd, dat de mens meer oog krijgt voor de overlevingskansen van de vele soorten bijzondere insecten. Daarbij is het heel goed mogelijk om in de eigen omgeving hulp te bieden. Daarvoor hoef je echt niet gek te zijn. Op deze pagina willen we een lans breken voor een vrijwel onbekende insectengroep.De solitaire bijen en wespen ... alles alleen! Bijen en wespen hebben meestal een slechte naam. Van de meer dan 8000 soorten bijen en wespen, die in Nederland voorkomen, blijken echter nog geen tien soorten soms overlast te kunnen bezorgen. Het betreft dan altijd dieren, die in een kolonie bij elkaar leven de zogenaamde sociale insecten. De limonadewespen. Honingbij en ook hommels en mieren behoren hiertoe. Al vele dieren offeren zich bij bedreigende situaties op om de kolonie te verdedigen af om zichzelf te beschermen, als ze knel komen zitten, Dat kan voor ons knap vervelend uitpakken. Er zijn echter in ons land nog ongeveer 650 soorten bijen en wespen, die wel een angel bezitten, maar die ons nooit lastig vallen. Ze hebben namelijk geen kolonie te verdedigen. Het zijn dieren, die alles alleen doen. Daarom heten ze de solitaire bijen en wespen. Maar omdat ze geen overlast veroorzaken, kent vrijwel niemand ze. Toch zijn bedoelde dieren van buitengewoon belang voor de natuur. De levensloop der Solitaire Bijen
Bijen zijn insecten die hun larven voeden met stuifmeel als eiwitbron. De sociaal levende honingbij is algemeen bekend, maar er zijn in ons land zeker 300 soorten solitaire bijen. Daarvan zijn sommige soorten zeer zeldzaam en enkele zijn misschien al wel uitgestorven. Omdat ze alleen in de vrije natuur, dus in het "wild" voorkomen, worden deze solitaire bijen ook wel "wilde bijen" genoemd. Hun levensloop is vrij simpel, maar elke soort heeft een eigen variant ontwikkeld. De moederbij zoekt of maakt in haar eentje een nestplaats. Meestal is dat een gangetje in hout of steen of een zelfgegraven gang in de grond, soms kleien ze zelf een woninkje. Dan gaat ze op zoek naar stuifmeel. Vele soorten bezoeken alleen speciale inheemse planten en daarom tref je ze alleen aan in de korte periode dat die betreffende planten bloeien. In die tijd verzamelt de moederbij stuifmeel aan de haren van de achterpoten (pootverzamelaars), of aan haren aan de buik (buikverzamelaars) en draagt het naar de nestholte. Daar wordt het met een beetje nektar gekneed tot een bolletje en als er genoeg verzameld is, wordt er een ei op gelegd. Vervolgens sluit de Bij het holletje af en laat daarna alles aan het eigen lot over. Zo maakt ze een aantal "cellen" met stuifmeel en ei. Daaruit ontwikkelt zich een larve, die het stuifmeel eet, zich dan inspint en vervolgens verandert in een pop. Tenslotte komt daaruit dan het volwassen dier tevoorschijn. Meestal is dat pas het jaar daarop, als de plant weer bloeit, waarop de bij gespecialiseerd is. De moederbij leeft maar enkele weken. Dus de bijen van de nieuwe generatie leren niets van hun ouders. Ze worden volleerd geboren! Mannelijke bijen leven nog korter dan de vrouwelijke bijen. De mannen komen na de winter altijd eerder tevoorschijn en zoeken alle mogelijke plaatsen af naar de te verwachten vrouwtjes. Na de paring is hun levenstaak volbracht en sterven ze. Mannelijke bijen hebben overigens nooit een angel. Er zijn soorten bijen die niet groter zijn dan enkele millimeters. Andere soorten kunnen wel 2 cm groot zijn. Diverse soorten Bijen Nu is al gezegd, dat elke bijesoort een eigen variant op bovenstaande levensloop kent. Vaak zijn de Nederlandse namen voor de bijen dan ook afgeleid van het gedrag en soms van het uiterlijk van de dieren. Enkele voorbeelden.Zo maken zandbijen hun nesten meestal in de grond, hun zandhoopjes zien er uit als kleine molshoopjes of vulkaantjes en " worden vaak verward met de zandhoopjes van mieren of pieren. In haast elke woonwijk komen tientallen van dergelijke nestjes voor. Metselbijen plakken hun nestgangen met vochtig zand of met leem dicht. Vaak worden oude kevergangen gebruikt. Soms ook lege slakkenhuisjes. Klokjesbijen verzamelen stuifmeel op planten die klokjes (campanula's) genoemd worden. Behangersbijen bekleden de nestgang eerst met afgeknaagde stukjes blad. Wolbijen doen dat met haren van planten.
Bloedbijen zijn bloedrood en verzetten helemaal geen werk. Ze smokkelen hun ei stiekem bij een ander binnen. De larve daaruit ontwikkelt zich ten koste van de larve van de bij, die het nest maakte. Dergelijke profiteurs worden koekoeksbijen genoemd. Ook wespbijen, die op wespen lijken, zijn koekoeksbijen.Solitaire wespen Ons land kent enkele honderden soorten, die ons nooit lastig vallen en alles helemaal alleen doen. Ze maken hun nestjes in aanwezige gangen of graven die uit in vermolmd hout of in de grond. Enkele soorten maken zandurntjes. Wespen zoeken "vlees" in plaats van stuifmeel. Andere insecten dienen daarom als eiwitbron. Wespen zijn dus zeer nuttig. Ze helpen immers mee in het bestrijden van "plaaginsecten", zo zijn er vele soorten, die luizen vangen. Andere soorten verzamelen vliegen of kevers of rupsen. De buitgemaakte dieren worden verlamd en in de klaargemaakte nestholte gebracht, die na het leggen van een ei wordt afgesloten. Ook hier verschijnt de nieuwe generatie meestal pas een jaar later. In een gifvrije tuin, kunnen deze dieren goed bijdragen aan het biologisch evenwicht. Er is echter een bijzonder probleem voor de solitaire bijen en wespen. In onze nette wereld, is geen gaatje meer te vinden en staat geen enkel hol takje of sprietje langer dan een seizoen overeind. Ook vermolmd hout blijft nergens lang genoeg liggen en hout met kevergaten erin wordt zo gauw mogelijk opgestookt. Maar daarmee ruimen we alle nestmogelijkheden op. Daarom kunnen we een grote bijdrage leveren aan het voortbestaan van vele unieke en nuttige dieren door het aanbieden van nesthulp. Bijenhotel
Wespen en bijen hebben een grote voorliefde voor warme zonbeschenen plaatsen zonnige paden of stoepen met klinkers in geel zand met voegen er tussen, dus niet koud tegen elkaar, zijn prima nestplaatsen, steilranden van land, leem, loss of mergel worden graag gebruikt. Een schaars begroeide zandhoop kan uw tuin vele dankbare gasten bezorgen. Muren van ruwe natuursteen met veel kieren en spleten en zo mogelijk hier en daar gevoegd met leem. zijn geliefde nestplaatsen. Vermolmende stronken van wilg, populier, eik of berk zijn ook bijzonder in trek, leg of zet ze zonnig neer.Veel succes kunt U hebben, als U bundels ophangt van holle takjes of met merg. Stukjes tak van vlier, braam, framboos, roos, enzovoort zijn zeer geschikt, zeker als u ze een klein beetje uitholt. Bamboe is buitengewoon goed bruikbaar. Ook gebundeld riet leent zich goed. Houtblokken, waarin u gangen boort zijn ideaal voor vele bijen, zoals metselbijen en klokjesbijen. De houtsoort is vrij onbelangrijk, mits U zorgt voor zo glad mogelijke gangen. Zachtere houtsoorten kunt U dan beter kops boren. U mag de gangen niet door en door boren. ![]() De diameter kan 2 mm tot 12 mm bedragen, met het accent op een diameters van ± 4mm. De hoogte waarop u deze nestgelegenheid hangt mag variėren van 1 tot 5 meter. De gangen mogen tussen de 3 en 20 cm diep zijn. Hoe meer variatie hoe meer soorten dieren U aantrekt en hoe langer de periode dat de nestgelegenheid wordt gebruikt, als bepaalde diameters veel gebruikt worden, moet U er meer gaten van die maat bijboren. Het nestblok dient, net zoals de takbundeltjes, tenminste een deel van de dag door de zon te worden beschenen. De openingen hoeven echter niet allemaal op de zonkant te zitten. Ook verticale gangen worden graag aangenomen. Beschutting tegen regen is niet echt nodig. maar kan worden aangebracht. Wel moet het nestblok het hele jaar door op de zelde plaats blijven hangen - in weer en wind.Insectenvrees
Dat de gangen gebruikt worden liet U aan het in- en uitvliegen van dieren, U kunt er rustig bij gaan staan. Hooguit durven de beestjes niet te komen of te vertrekken. omdat U er te dichtbij staat. Als de gangen met zand, hars, steentjes of een vliesje zijn afgesloten. weet U dat er een nestje van een bij of wesp is gemaakt. Ook voor kinderen is het bewonderen van de activiteit van de dieren erg leuk. Bovendien helpt U ze van de insectenvrees af, die ook voor volwassenen het bewonderen van de dieren vaak in de weg staat.In de nestblokken zullen vaak metselbijen gaan wonen, die tot de groep van de buikverzamelende bijen behoren. Het is prachtig om te zien hoe deze dieren met een buik vol stuifmeel de gangen in en uit kruipen en ze dichtmetselen. Ook komen er profiteurs en Parasieten op af, kleine vliegjes. die hun eieren naar binnen smokkelen. Sluipwespen met lange legboren, die op spectaculaire wijze proberen een ei in de larve van de bij te leggen. Ook goudwespen, fraai metaalglanzend, zijn koekoekswespen, die profiteren van andermans werk en de bijen regelmatig met een bezoekje vereren. Dat alles kunt U onbevreesd waarnemen in een tuin met nesthulp en met hart voor de natuur. Voedselhulp
U kunt vele bijen helpen, door planten te zetten, die lang bloeien en niet "dubbelbloemig" zijn. Hoe groter en langduriger het aanbod aan bloeiende Planten, hoe beter. Vele keuken- en artsenijkruiden zijn bijzonder geliefd.Ook "wilde tuinen" kunnen ware paradijzen zijn voor onze inheemse bijen en wespen. Door het aanbieden van nesthulp krijgen tuinen er een dimensie bij. Veel succes! Bron Tekst: "Weverkeshof" Kinderboerderij Nuenen Weverkeshof Fotografie: Pieter van Breugel en Daan Westerink Tekeningen: Peter van Beurden |